Je vriendin appt: "Kun je me straks even bellen?" Meer niet. Geen uitleg, geen smiley. En vanaf dat moment ben je nergens meer. Je gaat de hele week na op zoek naar wat je fout kunt hebben gedaan, je bedenkt zelf iets inclusief verklaring, stelt het bellen zo lang mogelijk uit en ondertussen passeert elk worstcasescenario de revue.
Het blijkt te gaan over de planning van vriendinnendag volgende maand.
No worries, je bent geen aansteller of paniekzaaier; het is iets ouds dat nog steeds keurig zijn werk doet.
Wat er altijd was
Wat je vaak meemaakt slaat je systeem op als de normale gang van zaken. Niet omdat het goed was maar omdat het vaak was. Als jij vroeger pas te horen kreeg dat er iets speelde op het moment dat de bom al ontploft was, de koffers al in de gang stonden of de vakantie al geannuleerd was, dan heb je geleerd dat een aankondiging zonder uitleg zelden goed nieuws is. Je bent mensen, appjes of gebeurtenissen gaan leren scannen. Je las gezichten, je hoorde aan een deur hoe de avond zou verlopen, en wist wanneer je beter even naar boven kon gaan.
Dat was toen slim. Het maakte je dagen zachter. Alleen: je bent 'daar' allang weg, terwijl het scannen zich rustig tot professioneel heeft doorontwikkeld.
Wat er nooit was
Patronen ontstaan op twee manieren. Door wat er altijd was, en door wat er nooit was.
Als bij jou thuis nooit iemand zei "ik ben gewoon moe, het ligt niet aan jou", dan heb je dat zinnetje ook nooit leren gebruiken. Als er nooit ruzie werd gemaakt en daarna weer gewoon in goede vrede werd gegeten, dan weet jij vandaag niet dat onenigheid ook goed kan aflopen en slaat de paniek toe bij de eerste kleine confrontatie die je tegenkomt want; "komt het nog wel ooit goed?"
Die lege plekken voelen niet als een gemis, want zo ging het nu eenmaal bij jou thuis. Een pijnlijke herinnering kun je terughalen. Iets wat er nooit was, komt niet in je op. Je merkt het alleen aan de zijkant, aan wat je vandaag niet kunt. Je kunt niet om hulp vragen. Je kunt geen compliment aannemen zonder het meteen weg te praten. Je kunt niet zeggen dat je iets niet leuk vond, want thuis werd dat nooit gezegd en niemand ontplofte, dus waarom zou je? Liever de rust bewaren.
De graadmeter: de verhouding
De makkelijkste manier om zo'n patroon te betrappen is kijken naar de verhouding. Past de grootte van jouw reactie (of gedachten) bij de grootte van wat er gebeurt?
Een stille partner is een kleine gebeurtenis. Een appje over een belletje is een kleine gebeurtenis. Als je lijf reageert alsof er brand is, gaat het niet alleen over nu. Ergens in dat verschil, tussen wat er feitelijk gebeurt en wat jij voelt, zit je verleden.
En vraag je daarnaast af wat je nooit hebt zien gebeuren. Bij dat appje is dat dit: heb jij ooit meegemaakt dat "ik wil je even spreken" gewoon over de planning ging? Dat iemand een gesprek aankondigde en het bleek niks? Waarschijnlijk wel een keer, maar niet vaak genoeg om het te geloven.
En daar zit het venijn. Een lege plek blijft niet leeg. Die wordt ingevuld met de enige versie die je wél kent. Jij hoort "kun je straks even bellen" en je systeem plakt er in een halve seconde een afloop aan uit een heel ander huis, uit een heel andere tijd. Je weet immers niet beter, vanuit toen.
Wat je ermee kunt
Je krijgt zo'n patroon er niet uit. Dat hoeft ook niet. Wat je wel kunt doen is het herkennen terwijl het gebeurt, in plaats van er achteraf achter komen.
Begin met vragen in plaats van invullen. App terug: "Ja hoor, waar gaat het over? Dan kan ik het alvast bekijken. Bel ik je straks." Of tegen je partner: "Je bent stil en ik ga meteen denken dat het aan mij ligt. Klopt dat, of is er iets anders gaande?" Bijna altijd hoor je dan dat het over de werkdag gaat, over slecht geslapen, of over helemaal niks. Dat antwoord is belangrijker dan je denkt, want je systeem heeft nieuwe ervaringen nodig om het oude patroon te overschrijven.
Vervolgens: scheid het feit van je invulling. Zet op een rij wat je echt weet. Je vriendin wil bellen. Dat is alles. De fout die je hebt gemaakt, het gesprek dat je al drie keer hebt gerepeteerd, de toon die je alvast hebt gehoord: dat heb je er zelf bij bedacht. Het scheelt enorm als je dat hardop benoemt als aanname in plaats van als feit.
En dan als laatste: bel. Luister. Vraag. Reageer. In de meeste gevallen is niets van de marteling die je in je hoofd hebt, waarheid. Hoe minder tijd je neemt om die gedachten onnodig groot te maken (door meteen te bellen, of meteen te vragen) hoe sterker je je achteraf zal voelen. Je bouwt er zekerheid mee op, vertrouwen in jezelf, en hoe vaker je dat doet, hoe meer jouw brein dat als standaard opslaat en je je oude patroon de deur wijst.
Je verleden verklaart je reactie. Het bepaalt niet je toekomst. In dat verschil zit alle ruimte.
In de training Kies wat klopt ga je stap voor stap na welke reacties echt van jou zijn en welke je ooit hebt overgenomen.
0 reacties